Jaloezie

Ik hoor een auto toeteren. Als ik door het raam kijk zie ik mijn moeder zwaaien vanachter het stuur. Ik trek mijn jas aan en grits mijn chemotas van de vloer. ‘Hoe gaat het?’ vraagt ze als ik instap. Ik mompel een beetje nukkig ‘ok’ terwijl ik mijn tranen probeer weg te slikken.

Het is oudjaarsdag en terwijl iedereen de champagne in huis haalt rijden wij naar het ziekenhuis voor mijn vijfde chemokuur. De auto trekt op en ik word zachtjes in mijn stoel gedrukt. Vanaf vandaag krijg ik een andere cocktail. De specialisten proberen mij op het hart te drukken dat het vanaf nu beter zal gaan en dat deze serie kuren minder zwaar zijn. Maar ik vind dat zo moeilijk te geloven en ik ben opnieuw bang voor het onbekende. Maar dat is niet het enige wat me dwars zit.